Werkelijk rendement box 3: wat betekent het voor je crypto?
Door Redactie PlatformCrypto.nl · Laatst gecontroleerd op
"Werkelijk rendement" gaat over twee dingen. Nu al kun je je werkelijke rendement doorgeven als dat lager is dan wat de Belastingdienst veronderstelt: de tegenbewijsregeling. En in de toekomst wil het kabinet box 3 helemaal baseren op het werkelijke rendement. Die wet is nog niet aangenomen. Hieronder lees je wat vaststaat, wat nog een voorstel is, en wat het betekent voor crypto.
Nu: de tegenbewijsregeling (vastgesteld)
Over 2025 en 2026 rekent de Belastingdienst met een forfaitair rendement: voor crypto 5,88% over 2025 en 6% over 2026. Was je werkelijke rendement lager, dan word je over dat lagere rendement belast. Dat is geregeld in de Wet tegenbewijsregeling box 3, die sinds juli 2025 geldt.
Zo bereken je het werkelijke rendement van je crypto (volgens het rekenvoorbeeld van de Belastingdienst):
waarde op 31 december − waarde op 1 januari − aankopen in het jaar + verkopen in het jaar
Voorbeeld van de Belastingdienst: € 90.000 − € 80.000 − € 5.000 + € 17.000 = € 22.000 werkelijk rendement.
Let op een paar regels:
- Bij het werkelijke rendement is er geen heffingsvrij vermogen: je hele rendement telt.
- Kosten (zoals transactiekosten) mag je niet aftrekken.
- Een negatief rendement wordt nul en mag je niet met een ander jaar verrekenen.
- Vanaf belastingjaar 2025 geef je het werkelijke rendement door in de aangifte. Is je vermogen hoger dan het heffingsvrij vermogen, dan vraagt de Belastingdienst er automatisch naar.
Of het voor jou voordeliger is, hangt af van je situatie. Bereken eerst je forfaitaire box 3-belasting met de rekentool en vergelijk dat met 36% van je werkelijke rendement. Bij een flinke koersdaling kan het werkelijke rendement nul zijn.
Straks: het nieuwe stelsel (nog een voorstel)
De Wet werkelijk rendement box 3 (wetsvoorstel 36.748) moet het forfaitaire stelsel vervangen. De stand van zaken op 7 oktober 2026:
| Datum | Stap |
|---|---|
| 16 mei 2025 | Wetsvoorstel ingediend |
| 12 februari 2026 | Aangenomen door de Tweede Kamer |
| 30 juni 2026 | Eerste Kamer behandelt het voorstel, maar stelt de stemming uit tot de aangekondigde novelle |
| 29 september 2026 | Kabinet kondigt een novelle (wijzigingswet) aan |
| 31 december 2026 | Uiterste datum voor aanneming in de Eerste Kamer om per 1 januari 2028 te kunnen starten |
Wordt die deadline niet gehaald, dan schuift de invoering volgens het ministerie minstens een jaar op.
Hoe werkt het voorstel?
Volgens het wetsvoorstel zoals de Tweede Kamer het aannam:
- Je betaalt belasting over het werkelijke rendement: rente, dividend en de waardeverandering van je bezittingen.
- Voor de meeste bezittingen, waaronder crypto, gaat het om de jaarlijkse waardeverandering, ook als je niet verkoopt (vermogensaanwasbelasting). Voor vastgoed en aandelen in startende ondernemingen geldt een uitzondering: daar betaal je pas bij verkoop.
- Het tarief is 36%, met een heffingsvrij resultaat van € 1.800 per persoon.
- Een verlies boven € 500 mag je verrekenen met winst in latere jaren.
Wat verandert de novelle?
Volgens de Kamerbrief van 29 september 2026 wil het kabinet de vermogenswinstbelasting (belasting bij verkoop) per 2028 uitbreiden naar financiële instrumenten zoals aandelen en obligaties, en vanaf 2030 naar de overige bezittingen. Volgens een voorlopige notitie van het ministerie valt directe crypto onder die overige bezittingen, en blijft die tot 2030 dus onder de aanwasbelasting. In dezelfde brief staat een heffingsvrij resultaat van € 1.000. De tekst van de novelle is nog niet openbaar, dus deze punten kunnen nog veranderen.
Wat betekent het voor jou als crypto-houder?
- Tot en met 2027 verandert er niets: box 3 werkt met een forfaitair rendement, en met de tegenbewijsregeling kun je een lager werkelijk rendement doorgeven.
- Vanaf 2028 (als de wet doorgaat) wordt je crypto vermoedelijk belast op de jaarlijkse waardestijging. Een illustratie op basis van het wetsvoorstel, geen officieel rekenvoorbeeld: stijgt je crypto in een jaar van € 10.000 naar € 14.000 zonder dat je koopt of verkoopt, dan is het rendement € 4.000. Min het heffingsvrije resultaat van € 1.800 blijft er € 2.200 over, waarover je 36% betaalt: € 792. Dat betaal je ook als je niets hebt verkocht.
- Houd je administratie bij: de waarde op 1 januari en 31 december, en je aankopen en verkopen. Dat heb je nu al nodig voor de tegenbewijsregeling, en straks voor het nieuwe stelsel.
We werken deze pagina bij zodra er nieuws is over de novelle.
Veelgestelde vragen
Wat is werkelijk rendement in box 3?
Het rendement dat je echt hebt behaald op je vermogen, in plaats van het rendement dat de Belastingdienst veronderstelt. Voor crypto is dat: de waarde op 31 december, min de waarde op 1 januari, min je aankopen, plus je verkopen in dat jaar.
Kan ik nu al belasting betalen over mijn werkelijke rendement?
Ja, als je werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. Dat heet de tegenbewijsregeling. Vanaf belastingjaar 2025 geef je dat door in de aangifte zelf; voor 2020 tot en met 2024 is er een apart formulier in Mijn Belastingdienst.
Wanneer gaat het nieuwe box 3-stelsel in?
Het kabinet wil het nieuwe stelsel per 1 januari 2028 invoeren. De wet is nog niet aangenomen: de Tweede Kamer stemde op 12 februari 2026 in, de Eerste Kamer heeft de stemming uitgesteld en er is een wijziging (novelle) aangekondigd. Wordt de wet niet vóór 31 december 2026 aangenomen, dan schuift de invoering minstens een jaar op.
Betaal ik straks belasting over crypto die ik niet heb verkocht?
Volgens het wetsvoorstel zoals de Tweede Kamer het aannam wel: crypto valt dan onder de vermogensaanwasbelasting, met belasting over de jaarlijkse waardeverandering, ook als je niet verkoopt. De aangekondigde novelle wil financiële instrumenten anders behandelen, maar volgens een voorlopige notitie van het ministerie blijft directe crypto tot 2030 onder de aanwas vallen. Dit kan nog veranderen.
Mag ik verlies op crypto verrekenen?
Onder de huidige tegenbewijsregeling niet: een negatief rendement wordt nul en mag je niet met een ander jaar verrekenen. In het wetsvoorstel voor het nieuwe stelsel mag je een verlies boven € 500 verrekenen met winst in latere jaren.